Sovanna Hem (39) groeide op tussen werelden. Als zoon van Cambodjaanse vluchtelingen draagt hij een geschiedenis van oorlog, migratie en culturele verwachtingen met zich mee. Achter zijn zichtbare rol in HR en zijn engagement rond inclusie loopt een minder zichtbaar pad van zoeken, breken en opnieuw verbinden. Zijn levenswerk ontstond uit de drang om zichzelf te begrijpen, patronen te doorbreken en ruimte te creëren voor anderen die, net als hij, lang hebben geprobeerd te blenden. Vandaag kiest Sovanna ervoor om zichtbaar te zijn en een stem te worden voor zijn gemeenschap vanuit de overtuiging dat je altijd een keuze hebt.
“Mijn ouders zijn moeten vluchten uit Cambodja. Maar hun verhalen beginnen apart. Mijn vader was begin twintig toen hij vertrok tijdens het extreem communistisch bewind onder leiding van Pol Pot. Het Khmer Rouge regime dwong miljoenen mensen uit steden naar het platteland om te werken in collectieve landbouw. Tegenstanders werden vervolgd en geëxecuteerd. Ongeveer 1,5 tot 2 miljoen mensen stierven door geweld, hongersnood en uitputting. Het wordt beschouwd als een van de meest brutale genocides van de 20e eeuw. Mijn vader heeft die terreur bewust meegemaakt. Hij zag die invasie komen en wist: hier kunnen wij niet blijven. Hij had toen al een vrouw en een kind. Maar zijn vrouw wilde niet. Zij wilde bij haar familie blijven en eventueel naar Vietnam trekken. Mijn vader wilde zo ver mogelijk weg uit Azië, richting het Westen. Dat was het moment waarop hij een keuze moest maken. En hij heeft gekozen om te vertrekken. Alleen. Via een vluchtelingenkamp is hij uiteindelijk op een vliegtuig gezet, via hulporganisaties richting Frankrijk, waar hij opgevangen werd.”
“Mijn moeder haar verhaal begint helemaal anders. Zij was nog geen tien jaar oud toen mijn grootmoeder besliste om te vluchten voor de situatie escaleerde. Mijn grootmoeder had een nieuwe partner en nam haar twee jongste kinderen mee: mijn mama en haar jongere broer. De twee oudste kinderen bleven in Cambodja. Zij hebben de oorlog en het regime volledig meegemaakt. Mijn moeder is als kind in een vluchtelingenkamp in Thailand terechtgekomen. Daar heeft ze jaren gewoond. Ze spreekt en schrijft vandaag nog altijd vloeiend Thais, hoewel ze niet naar school mocht, want ze was een meisje. Haar broer, drie jaar jonger, zat in de klas. Zij zat buiten, aan het raam en zo heeft ze de taal geleerd.”
“Mijn ouders hebben elkaar pas hier in Europa leren kennen via de Cambodjaanse gemeenschap. Die zoekt elkaar op. In Brussel, in Lille, overal waar ze elkaar kunnen vinden.
Mijn moeder werd uitgehuwelijkt. Voor haar was dat normaal. Dat was haar cultuur. Gehoorzamen aan je ouders. Niet in vraag stellen. Dat verhaal van uithuwelijken heb ik van kleins af aan meegekregen. En toen voelde ik al dat dat voor mij niet klopt. “
Derde ouder
“Ik ben geboren in Frankrijk, mijn broer twee jaar later. Daarna zijn we naar België verhuisd, omdat mijn grootouders hier woonden en konden helpen met de zorg. Dat gaf mijn ouders de kans om te werken. Er kwamen uiteindelijk vijf kinderen. En als oudste werd ik de derde ouder. Op mijn acht, negen jaar belde ik naar overheidsdiensten. Ik regelde afspraken bij de gemeente en vertaalde alles voor mijn ouders, hoewel ik de inhoud niet begreep.“
“Thuis spraken we Cambodjaans. Op tv hoorde ik Frans en op school sprak ik Nederlands. Ik had niet eens door dat het drie verschillende talen waren. Zelfs mijn verjaardag, ik wist pas wanneer ik jarig was toen ik acht werd, door school. Dat werd thuis nooit gevierd. Dat toont hoe je tussen twee werelden leeft.”
“En tegelijk was er veel verantwoordelijkheid. Ik zorgde voor mijn broer en drie zussen. Ik hielp in het huishouden. Mijn grootouders woonden ook bij ons. Ik regelde alles. Ik had geen jeugd zoals anderen die hadden, maar ik wist dat niet. Tot ik hier vrienden kreeg. Zij gingen op vakantie en naar pretparken. Wij niet.”
“Er waren ook gerechtsdeurwaarders Schulden. Onzekerheid. In de Cambodjaanse cultuur, en breder in Zuidoost-Azië, is gokken iets dat vaak voorkomt. Het wordt gezien als ontspanning. Als tijdverdrijf. Mijn vader spendeerde er veel tijd aan. Al het geld dat binnenkwam, ging daar naartoe. Rekeningen bleven liggen. Ik heb momenten gekend dat er niet genoeg eten was en dat ik mijn eten gaf aan mijn broer en zussen.”
Kiezen voor mezelf
“Op mijn 17de moest ik kiezen wat ik ging studeren. Voor mijn ouders was dat al beslist: advocaat of dokter. Dat was de enige juiste weg. Maar ik wilde iets doen met talen, iets dat meer bij mij past. Het was geen evident gesprek. Maar een vriendin van mijn moeder heeft haar overtuigd: laat hem doen wat hij wil. Dat was een eerste breuk. Een eerste keuze voor mezelf. Maar de grootste keuze kwam later. Ik ben homoseksueel. En dat botst frontaal met de verwachtingen waarmee ik ben opgegroeid. Ik moest trouwen met een vrouw. Kinderen krijgen en de familienaam voortzetten. Toen ik ‘uit de kast kwam’, voelde dat voor mijn familie alsof ik hun droom kapot maakte. Dat was zwaar. Maar het was het begin van mijn vrijheid.”
Tussen verlies en aanvaarding
“Ik heb vele jaren mijn Cambodjaanse identiteit afgewezen. Ik heb toen de gemeenschap losgelaten. Ik wilde blenden, meedoen. Bij mijn witte vrienden voelde ik mij aanvaard. Ik was een van hen. Maar je kan niet blijven weglopen van wie je bent.”
“Op mijn 29ste ben ik naar Cambodja gegaan. Daar heb ik de geschiedenis gevoeld en ook de impact van het regime en de veerkracht van de mensen en wat trauma betekent. En toen besefte ik dat ik milder moest zijn, zowel voor mijn ouders als voor mijn familie en voor mezelf. Dan heb ik mijn Cambodjaanse identiteit aanvaard. Dat was een proces met veel vallen en opstaan. En tot vandaag is dat soms nog moeilijk. Maar toen kwam er een soort van rust.”
“Er was nog een ander moment dat alles veranderd heeft. 10 mei 2009. Mijn zus is overleden in een verkeersongeval. Ze werd net geen twintig. Dat is een breuklijn in mijn leven. Het heeft onze familie wel opnieuw dichter bij elkaar gebracht. Na een periode van afstand, botsingen en veel onbegrip kwamen we terug samen, want het leven is te kwetsbaar om vast te blijven zitten in conflict. Voor mij persoonlijk heeft het jaren geduurd om de dood van mijn zus te verwerken. Vijf jaar rouw. En daarna kwam er iets anders. Bewust leven. Om haar te eren. Sindsdien leef ik anders. Intenser en bewuster.”
Barrièrebrekers
“Ik noem mezelf en mijn jongste zus soms barrièrebrekers. Omdat wij dingen durfden te doorbreken die generaties lang normaal waren. In onze cultuur leer je blenden. Niet opvallen. Geen lawaai maken. Respect hebben voor iedereen die ouder is.
Maar ik heb geleerd dat mijn mening ook belangrijk is en beslist dat ik niet meer wil blenden. Ik wil zichtbaar zijn. Ik ben niet tegen mijn cultuur. Ik zie de schoonheid, de veerkracht en de verbondenheid ervan. Maar ik kies bewust wat ik meeneem. En wat niet meer dient, laat ik achter.”
Niet alleen praten. Doen.
“Vandaag werk ik in HR. Voor mij is dat veel meer dan gewoon een job. Ik ben ook co-creator van het lerend netwerk binnen Antwerp Pride. Daar werk ik mee aan hoe bedrijven omgaan met inclusie. Niet alleen praten, maar ook doen. Ik zit mee aan de tekentafel, breng bedrijven samen en stel vragen die verder gaan dan awareness. Ik verbind en creëer veilige ruimtes.”
“Mijn levenswerk is mensen in hun kracht zetten. Ik wil een stem zijn voor de Aziatische gemeenschap in België, want die is er vandaag niet; zeker niet op de plekken waar beslissingen worden genomen. Ook niet op de podia. Ik wil doen voor mijn gemeenschap wat Hanan Challouki doet voor de hare. Ik ben nog aan het zoeken hoe, maar ik weet wel dat het mijn pad is.”
“Ik geloof in één ding heel sterk: Je hebt altijd een keuze. Soms zijn keuzes moeilijk, soms ook heel pijnlijk. Maar ze zijn er. En ik heb gekozen om niet langer onderdrukt te zijn door mijn cultuur of door mijn verleden. Ik voel me vrij om te zijn wie ik ben, te zeggen wat ik denk en te doen wat ik wil.