“Ik kan op één hand de dagen tellen wanneer ik tegen mijn goesting ben komen werken.”

“Ik kan op één hand de dagen tellen wanneer ik tegen mijn goesting ben komen werken.”

Patrick 

Van Loo

Medewerker bij Ivago

Patrick Van Loo (60) werkt al dertig jaar voor Ivago, elke dag op pad om de stad proper te houden. Hij woont in Antwerpen, maar zijn hart ligt in Gent. Het verhaal van een man die nooit stilzit, die werken als vanzelfsprekend ziet, en die ondanks moeilijke periodes altijd vooruit is blijven gaan.

“Ik ben Patrick. Zestig jaar ondertussen, maar ik voel mij nog altijd iemand die vooruit wil. Stilzitten? Dat is niks voor mij. Echt niet. Ik woon in Antwerpen, vlakbij ’t Sportpaleis (ondertussen Afas Dome), maar ik werk al sinds 1996 in Gent. Elke dag rij ik op en neer. Mensen zeggen soms: “Zijt gij zot?” Maar voor mij is dat hier mijn tweede thuis geworden.”

Patrick werkt dus al dertig jaar bij Ivago. “Ik ben begonnen met de korven, dat zijn de vuilbakken aan de bushaltes. Gewoon rondgaan, legen, terugzetten. Dat lijkt simpel, maar ge moet dat doen hé. En ik heb dat altijd met goesting gedaan. Daarna ben ik op de veegmachine terechtgekomen. Dat heb ik ook meer dan twintig jaar gedaan. En dat was schoon werk, echt waar. Vooral in de herfst. Ge komt toe, alles ligt vol bladeren, vuil, en ge rijdt daar door en achter u ligt dat proper. Dat geeft een gevoel, dat kunt ge niet uitleggen. Ge ziet direct wat ge gedaan hebt.”

Dat mist hij soms, want nu ruimt hij sluikstort op. “Ik ben chauffeur en ik werk alleen. Ik krijg mijn meldingen via de app, soms tachtig op een dag en ik maak mijn route zelf. Dat is ervaring hé. Ik weet: dat stuk moet ik eerst doen, want daar staat straks file. Of dat moet later. Ge leert uw stad kennen. Ik rij dan van punt naar punt. En soms is dat een zak, maar soms staat er een halve inboedel buiten. Kasten, matrassen, alles. En dat moet ik dan alleen inladen. Dat is niet altijd plezant. Fysiek is dat ook zwaar. Maar ik werk graag alleen. Met twee is dat altijd babbelen, zagen, tijd verliezen. Alleen? Ik doe mijn werk en vooruit. Geen gedoe.”

Maar sluikstort is voor Patrick soms frustrerend. “Ge haalt iets weg, maakt het proper en twee dagen later ligt het er terug. Altijd dezelfde plekken. Dan denk ik weleens: komaan hé mannen, moet dat nu echt? Maar ja, ge kunt daar niet in blijven hangen. Ik doe mijn werk. Punt.”

Patrick is iemand die altijd graag gewerkt heeft. “Dat zit in mij. Ik kan op één hand de dagen tellen dat ik tegen mijn goesting ben gekomen.” Hij heeft het naar eigen zeggen van thuis meegekregen. “Mijn vader werkte in de bouw, ijzer vlechten, trappen maken. Dat was zwaar werk. En wij gingen uit tot laat, maar om vijf uur stond hij daar: komaan jongens, werken.”

Hij heeft ook andere dingen gedaan. Zo werkte hij destijds in ‘de Nieuwe Molens’. Dat is de voormalige industriële maalderij langs het verbindingskanaal. Graan werd er industrieel gemalen tot bloem. Ondertussen is het herbestemd tot een woonwijk. “Ik moest toen zakken van vijftig kilo bloem in schepen laden. Vijftig kilo hé. Dat was zwaar werk, echt kapot gaan. Daarna ben ik ook nog chauffeur geweest. En ja, ik heb ook heel moeilijke tijden gehad. Financieel vooral. Echt momenten dat het niet ging. Dan werkte ik van zes tot twee, en daarna ging ik nog oud ijzer verzamelen om te zorgen dat er eten en speelgoed was voor mijn kinderen. Ge trekt uw plan. Ge zegt niet het lukt niet. Ge doet het gewoon.

Zijn eerste huwelijk is mislukt. “Dat was geen goeie periode. Maar ge blijft doorgaan hé. Ge pakt dat mee, dat zit in uw rugzak. Maar ge moet vooruit. Nu heb ik Sylvie. Mijn vrouw. Dat is een topmadam. Die is er altijd voor mij. En ik voor haar. Dat is voor mij het belangrijkste. Ge moet niet met dure cadeaus afkomen. Samen iets drinken, iets eten, lachen, dat is genoeg. Liefde kunt ge niet kopen.” Patrick vertelt ook over Alice, Gaston en Odette, zijn drie naaktkatten. “Dat zijn speciale beesten, maar zo aanhankelijk. We hebben ons balkon helemaal dicht gemaakt zodat ze niet kunnen ontsnappen. Dat zijn zo onze kleine dingen hé, dat maakt een huis een thuis.”

Patrick kan niet stilzitten. “Na mijn werk doe ik nog een flexi job bij Albert Heijn. Ja, ik doe dat graag. En het brengt iets op. Maar vooral: ik ben bezig. Thuis zitten en niks doen? Daar word ik zot van. En ik help ook als vrijwilliger in het rusthuis waar mij vrouw werkt, dingen opzetten, mensen helpen. Gewoon… doen. Ik kan dat niet laten.”

Patrick is heel sociaal. “Zet mij eender waar en ik begin te babbelen. Op café, op straat, in een veld… maakt niet uit. Wat ik belangrijk vind op het werk? Dat ge uw werk goed doet. En dat ge complimenten geeft. Als ik binnenkom, zeg ik ook soms tegen collega’s: ge ziet er goed uit. Waarom niet? Dat kost niks. Ik ben een gelukkig mens. Echt waar. Ik kom thuis en ik ben content. Mijn vrouw, mijn kinderen… Ik ga ook met de moto op reis. Met vrienden, naar Oostenrijk. Vrijheid is belangrijk. 

Als hij opnieuw zou mogen kiezen? “Misschien was ik dan wel kraanman geworden. Hoog zitten, over alles kijken… dat heeft iets. Maar het leven loopt zoals het loopt. En zolang dat mijn gezondheid het toelaat, blijf ik werken. Pensioen? Ja, dat komt ooit. Maar ik ga dat missen. De mensen, het bezig zijn… Stilvallen, dat is niks voor mij. Ik ben optimistisch. Ik ben sociaal. En ik ben gelukkig. En meer moet dat eigenlijk niet zijn….”

Auteur: Lesley Arens
Fotograaf: Caroline Dupont

Op de hoogte blijven als we nieuwe verhalen delen?

Schrijf je in voor onze nieuwsbrief

Meer verhalen?

Glenn

Planner-opvolger bij Ivago

“Ik ben hier begonnen achter de kar. En kijk waar ik nu sta.”

Ontdek

Guy

Hulpmeestergast in de renovatieploeg bij Weerwerk

“Hier heb ik geleerd wie ik ben”

Ontdek

Nils

Hulpmeestergast in de renovatieploeg bij Weerwerk

“Achter elke verslaving zit een verhaal”

Ontdek